Laatste proef in piping-experiment gestart
Op de IJkdijklocatie in Bellingwolde startte op 30 november de laatste uit een serie van vier proeven in het kader van het pipingexperiment van de Stichting IJkdijk.
Deze laatste proef is een zogenaamde ‘participantenproef’. Dit betekent, dat de proef zo is opgebouwd, dat de participanten, sensorpartijen, zo goed mogelijk hun apparatuur kunnen testen in de proefdijk.

Piping
Bij een hoge waterstand kan het voorkomen dat er, door de hoge druk, aan de voet van een dijk water (kwel) doorsijpelt. Wanneer dit water zandkorrels meevoert, ontstaat er een buisvormige doorgang (pipe) onder de dijk die steeds verder groeit en zo de stabiliteit van de waterkering in gevaar brengt.
De dijk kan hierdoor verzwakken en in het ergste geval mogelijk bezwijken.
De praktijkproeven
De proeven vinden plaats in een vak van 4 m diep, 40 m lang en 25 m breed.
In het vak bevindt zich, haaks op de lengte, een dijk met aan de ene zijde hoogwater (ruim 2,5 m) en aan de andere zijde laagwater (0,1 m).
De vooraf geïnstalleerde meetapparatuur registreert onder meer de geluid, temperatuur, waterspanning en de vervorming van de dijk.
Daarnaast leggen warmtegevoelige camera’s het pipingproces vast.
De proef is uniek: het is voor het eerst dat op deze schaal het mechanisme in een gecontroleerde omgeving wordt nagebootst en gemonitord. Voor het eerst is ook het verband aangetoond tussen het optreden van piping en het daadwerkelijk bezwijken van een dijk.
Dit is de vierde en laatste van de serie proeven.
Participerende partijen
In deze praktijkproef participeren naast Landustrie de volgende bedrijven:
De proef wordt mogelijk gemaakt door steun van Rijkswaterstaat en het Ministerie van Economische Zaken, Pieken in de Delta en door het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling.
De IJkdijk is een initiatief van N.V. NOM, STOWA, Stichting IDL, Deltares en TNO.
Staatsbosbeheer en Waterschap Hunze en Aa’s zijn partner in IJkdijkprojecten